Filosofisch luisteren

Lezingen over muziek en taal, emoties en verbeelding

Mensen maken al meer dan 40.000 jaar muziek. Al lang voor ze begonnen de grond te bewerken en gewassen te planten was er zoiets wonderlijk ongrijpbaars als klanken die je in beweging brengen, die je ontroeren en inspireren.

Cultuur verandert snel, maar de menselijke hersenen zijn sinds het stenen tijdperk niet veel veranderd. Met diezelfde hersenen uit het stenen tijdperk besturen we nu een auto, kijken TV, luisteren naar Beethoven, hiphop of Xenakis.

Hoe is de muziek in de loop van de tijd veranderd? Missen we iets wanneer we naar Beethoven luisteren met oren van nu? En waarom luisteren we eigenlijk?

Geen vragen die zich lenen voor een simpel antwoord: “zo zit dat”. Maar zulke vragen kunnen ons op het spoor zetten van fascinerende inzichten in wat mensen onderscheidt van andere dieren, wat mensen en culturen gemeen hebben, en hoe ze verschillen.

MUZIEK EN TAAL — EMOTIES — VERBEELDING

1. Muziek en taal

Wittgenstein - vliegenvalAls we filosoferen, of in het algemeen, over dingen nadenken en onze gedachten met anderen delen, dan bedienen we ons van de taal. Die staat in tussen ons denken en wat we meestal gemakshalve “de wereld” noemen, de realiteit, of de totaliteit van alle dingen. Alles waarover we het zouden kunnen of willen hebben.

De taal kan ook een obstakel zijn. Niet alleen omdat wat we zeggen vaak verkeerd begrepen wordt, maar ook omdat de taal zèlf ons voor de gek kan houden. Bijvoorbeeld doordat een onzinnige zin er net zo correct en betekenisvol uit kan zien als een zinnige zin. Omdat een woord de ene keer iets anders kan betekenen dan de andere keer, in een andere zin, in andere context.

Dan lijkt het soms of we weten waar we het over hebben, en of we het allemaal over hetzelfde hebben, terwijl dat toch vaak niet het geval is. Bijvoorbeeld over muziek, de muziek. Welke muziek? Wat noemen we muziek?

Een van de belangrijkste gereedschappen die de filosofie heeft (misschien wel hèt belangrijkste) is daarom: taalkritiek, een kritische omgang met de taal. Het wonderlijke is dat we dat kunnen doen met de taal zelf. Kritisch nadenken over de taal kunnen we met behulp van de taal zelf — ook bij het spreken en schrijven over taal bedienen we ons van taal.

Nu wordt vaak beweert dat ook muziek “een taal” zou zijn. Is dat zo? En wat wordt ermee bedoeld?

© Lodewijk Muns 2017We spreken niet “muziek” met elkaar, zoals we Nederlands spreken of Chinees. Er is niet zoiets als omgangsmuziek, vergelijkbaar met de omgangstaal waarin we communiceren. Muziek bestaat altijd in de vorm van composities, stukken, werken, creaties, improvisaties.

Kun je dan nog van muziek spreken als “een taal”? Of — en dat is een heel andere vraag — zijn er elementen in de muziek (sommige muziek) die lijken op de taal?

En hoe komt dat? Waar komen muziek en taal vandaan — hoe hebben ze zich ontwikkeld? Is de muziek ontstaan uit de taal, of aapt ze de taal na? Of hebben ze een gemeenschappelijke oorsprong?

Dat zijn vragen waar veel filosofen en wetenschappers zich mee hebben beziggehouden, en zich nog steeds mee bezighouden. En hoewel er nog veel raadsels en problemen zijn, valt er ook veel te zeggen wat ons begrip van muziek, wat het is, hoe we ermee omgaan, helderder maakt.

2. Muziek en emoties

Immanuel Kant © Lodewijk Muns 2017Muziek wordt niet alleen vaak een taal genoemd, maar specifiek de taal van de emoties.

Maar wat wil dat zeggen? En heeft het wel algemene geldigheid? Brengt muziek emoties teweeg? En drukt muziek emoties uit? En wat zijn eigenlijk emoties?

Dat muziek emoties teweegbrengt is een inzicht tenminste zo oud als de mythe van Orpheus, die met zijn muziek de wilde dieren temde en zijn geliefde uit het dodenrijk wist terug te halen. Ontroeren en ontroerd worden is voor velen de voornaamste reden om muziek te maken en naar muziek te luisteren.

Tegelijkertijd wordt vaak beweerd dat muziek abstract zou zijn. Te abstract om werkelijk emoties op te wekken of uit te drukken. Want emoties hebben altijd betrekking op een concreet object: woede op/om, vreugde om, jaloezie jegens.

In zijn veelgelezen Musicophilia (2007, p. 329) verbindt de neuroloog Oliver Sacks de beide begrippen, emoties en abstractie, in één adem:

Muziek is, als enige van de kunsten, tegelijkertijd volkomen abstract en ten diepste emotioneel. Ze is niet in staat enig object of iets buiten haarzelf voor te stellen, maar ze heeft een uniek vermogen om gemoedstoestanden of gevoelens uit te drukken. Muziek kan direct het hart doordringen; ze heeft geen bemiddeling nodig.”

Dat klinkt vertrouwd. Toch is het moeilijk met elkaar te rijmen: “volkomen abstract” en “ten diepste emotioneel”. Wat betekent dat: muziek is abstract? Als muziek nergens over gaat en niets voorstelt, kan ze dan wel emoties uitdrukken en opwekken?

© Lodewijk Muns 2017Er is geen natuurwet die voorschrijft wat we emoties moeten noemen. Maar emoties — of sommige aspecten daarvan — zijn wel een natuurverschijnsel. We kunnen ze ook in andere diersoorten herkennen, en de uiterlijke kentekenen zijn vaak dezelfde als bij ons.

De effecten van muziek kunnen heel direct lichamelijk zichtbaar of meetbaar zijn. Bijvoorbeeld doordat ze kippevel opwekt.

Muziek brengt ons ook — vaak onwillekeurig — in beweging. Emotie, motion, movement, ontroering: dit heeft letterlijk of figuurlijk te maken met beweging. Wat is het verband daartussen: muziek, beweging, en emotie?

En wat wil het zeggen dat muziek gevoelens uitdrukt, dat we haar ervaren als expressief?

Veel vragen — en nog veel meer meningsverschillen. Maar de zoektocht naar antwoorden levert tal van inzichten op in wat ons als mensen onderscheidt van èn verbindt met andere dieren, hoe lichaam en geest samenhangen, en hoe we ons gedragen ten opzichte van onze soortgenoten. En waarom muziek van groot belang is voor de kwaliteit van ons leven.

3. Muziek en verbeelding

© Lodewijk Muns 2017“Verbeelding” is een tamelijk dubbelzinnig woord. Eén betekenis die het heeft is voorstellingsvermogen. Dat heeft doorgaans betrekking op iets wat je niet direct waarneemt, wat soms ook niet bestaat of voorkomt, maar waarvan we — op een of andere manier — kunnen doen alsof we het waarnemen of meemaken.

Ook als we naar muziek luisteren is ons voorstellingsvermogen actief. Wat ons gehoor binnenkomt is geluid, maar wat we waarnemen is muziek. Iets wat zich puur fysisch, als geluid, helemaal niet laat beschrijven. Het luisteren is een activiteit waar ons voorstellingsvermogen op allerlei manieren intens in betrokken is, van het herkennen van muzikale vormen en structuren tot het afspelen van denkbeeldige scenario’s.

In hoeverre kunnen we daarbij zeggen dat muziek iets voorstelt? Dat is een van de lastigste en meest omstreden vraagstukken in de filosofie van de muziek. Ook hier komen we weer de opvatting tegen dat muziek abstract zou zijn. Wat wil dat zeggen?

Misschien dat ze niet, zoals de taal (of poëzie en verhalen) “ergens over gaat”; of niet, zoals schilderkunst en beeldhouwkunst, “iets voor kan stellen”.

Dan is er ook de abstractie van de wiskunde. Getallen, symbolen, die niets voorstellen, behalve de wetmatigheid van hun onderlinge relaties.

Is muziek abstract omdat de relaties tussen de tonen een wiskundige structuur hoorbaar maken, die (zoals Pythagoras dacht, in de zesde eeuw v.Chr.) een afspiegeling is van de kosmos?

Het feit dat muziek abstract kan zijn betekent niet dat ze abstract moet zijn.

Kan muziek dan ook “concreet” zijn? En in welke zin?

De meest “concrete” muziek is misschien die van de traditionele tekenfilm. Muziek die is volgepakt met direct herkenbare, maar meestal onbewust waargenomen figuren, effecten en procédés, afkomstig uit de traditie van de klassieke muziek. Zo op het eerste gehoor banaal, maar juist daarom een heel interessant (en verrassend complex) studie-object als we precies willen weten wat muziek met ons kan doen, en hoe ze het doet.


Deze cursus of afzonderlijke lezingen kunnen ook op afspraak worden gehouden.