Personeelsfunctionarissen schijnen een speciale training te krijgen in het gebruik van abominabele clichés. Dat de bespottelijkheid van het HRM- jargon allerwegen wordt ingezien en de satire over “kantoorclichés” in boekvorm over de toonbank gaat lijkt niet uit te maken.
Ook de Koninklijke Bibliotheek (die zich tegenwoordig beschaamd KB, nationale bibliotheek noemt — misschien wordt het tijd die K af te schaffen, hoewel er in dit geval nog een historische rechtvaardiging is) — welnu, ook de KB ontkomt in haar personeelsadvertenties niet aan het HR-taaltje met zijn vage modismen en mixed metaphors. De KB waarvan je zou verwachten dat ze optreedt als hoeder van de Nederlandse taal — want, zo meldt ze trots, De KB, nationale bibliotheek, draagt vanuit de kracht van het geschreven woord bij aan een slimmer, vaardiger en creatiever Nederland.
Een paar stijlbloempjes uit het koninklijk priëel:
Je acteert stevig op de inhoud, maar houdt daarbij ruimte voor nuance.
Deze ruimte heb je overigens ook in je eigen team dat graag kennis deelt en gelooft dat elke goed idee [!] begint met een kop koffie en nieuwsgierigheid.
Bij dat soort taal doemt het vermoeden op van een grote leegte, een gebrek aan zakelijke competentie.
Een van de voor mij meest irritante clichés in het HRM-idioom is niet zozeer een slecht gekozen metafoor, als een uitdrukking die in de spreektaal weliswaar heel gewoon is, maar uiting geeft aan een naar soort gedrag.
Onze ideale kandidaat … heeft een relevant diploma op zak, liefst van een bibliotheekopleiding en anders ga je dat alsnog halen toch?! (De Bibliotheek AanZet)
Je wilt af en toe ook naar Leeuwarden. Fryslân boppe toch? (GH+O)
Waarom is dat … toch dan zo irritant? — Omdat de lezer of luisteraar wordt gedwongen tot instemming (want hoe ga je hier tegenin?), terwijl het bij voorkeur wordt vastgehaakt aan een banaliteit zo blèrend dat je het liefst je oren zou wegdraaien.
De perfecte karikatuur van HR-isme hoef ik niet te verzinnen. Die ligt kant en klaar voor me in de zojuist geciteerde advertentie, waarmee een communicatiebureau een tekstschrijver werft. De hijgerigheid werkt eerder wanhopig dan geïnspireerd.
Overtuigen is jouw middle-name. Je steekt graag de hersens uit de mouwen.
Je kunt roeien met de riemen die je hebt. Ineens toch minder tijd? Gaan met die banaan!
Mooie klanten met oog voor de wereld: van ministeries, musea’s [!] en veiligheidsregio’s tot goede doelen en (hoge)scholen.
Kunnen teksten kwijlen? — Houd maar liever een dweil bij de hand. Toch?





